Background: Bang & Olufsen Beogram 4002 – Hifi-icoon uit het verleden

16 juli 2026 9 Minuten 0 Reacties
B&O_Beogram 4002_6
FWD award

Wanneer kun je spreken van een legendarisch audio-ontwerp? Door introductie van een baanbrekende technologie. Of een geniale uitvinding in bedieningsgemak. Maar ook een bijzondere onderscheidende vormgeving kan tot een legendarische status leiden. En in een zeldzaam geval is er zelfs sprake van een combinatie van deze eigenschappen en leidt dit tot hifi-iconen die we nooit meer zullen vergeten. Tot dit bijzondere gezelschap behoort ook de Bang & Olufsen Beogram 4002, een meesterwerk qua vormgeving van de wereldberoemde ontwerper Jacob Jensen en met grote technische innovaties aan de hand van Subir Pramanik.

In de wereld van de industriële ontwerpers is de naam van de Deen Jacob Jensen (1926-2015) een referentie en er bestaat nog steeds een Scandinavische ontwerpstudio die zijn naam draagt. Hij studeerde Industrial Design aan de Danish School of Arts and Crafts en richtte in 1958 zijn eigen bedrijf op, Jacob Jensen Design. Enkele jaren later begon hij met kleine opdrachten voor het Deense Bang & Olufsen en kwam er in 1964 in dienst. Een jaar later werd hij benoemd tot Chief Product Designer en drukte daarna zijn ontwerpstempel op veel producten van Bang & Olufsen, tot aan zijn pensioen in 1987. In 1967 introduceerde Bang & Olufsen de Beomaster 5000 tuner en versterker, de eerste grote opdracht van Jensen. Hiermee werd gelijk de iF Design Award gewonnen. Vanaf het begin viel zijn minimalistisch design en grote aandacht voor gebruiksgemak op. Bij het ontwerpen werd hij vaak geassisteerd door de Brit David Lewis (1939-2011) die hem later in de jaren tachtig ook als Chief Designer opvolgde.

Beogram 4000

In 1972 deed Bang & Olufsen de hifi-wereld versteld staan met de introductie van de door Jacob Jensen vormgegeven Beogram 4000. Het was de eerste elektronisch gestuurde draaitafel met een dubbele tangentiale arm ter wereld. Het plateau werd door een snaar aangedreven, en de lineaire armconstructie beschikte over een eigen servomotor. De linkerarm bevatte een fotocel, waarmee het draaiplateau en platen daarop werden gedetecteerd. De rechterarm bevatte het element. Het geheel bewoog op een rails en hield de naald in een fouthoek van 0 graden. Hierdoor volgde deze de groef dus op dezelfde wijze als waarop deze in de productiestudio was gesneden. Dit leidde tot minder vervorming ten opzichte van conventionele toonarmen (die wel een fouthoek hadden) en bovendien sleet ook het vinyl minder snel, mede door de lage naalddruk van 1 gram. Jacob Jensen ontwierp deze volautomatische draaitafel wederom vanuit een minimalistisch en tijdloos design en maakte gebruik van verschillende materialen, zoals staal, fijn aluminium, mooi houtfineer, glas en kunststoffen. De bediening vond plaats door het licht indrukken van aluminium knoppen. Bij het technisch ontwerp werd hij ondersteund door een geniale ingenieur in dienst bij Bang & Olufsen, de Indiër Subir Pramanik. Deze was bij Bang & Olufsen onder meer de drijvende kracht achter de tangentiale toonarm en baanbrekende cartridges. Pramanik is decennialang voor de Deense firma van grote toegevoegde waarde geweest.

Beogram 4002, 4004 en 6000

De Beogram 4000 was een ingewikkelde machine en ook vrij kostbaar in het productieproces. Al in 1974 kwam de opvolger op de markt, de Beogram 4002. Deze bevatte niet alleen tal van technische vereenvoudigingen, deels door voortschrijdend inzicht, maar ook veel verbeteringen ten opzichte van het ‘oermodel’. De technologisch minder complexe 4002 was goedkoper om te produceren en gemakkelijker te servicen. De draaitafelconstructie was iets lichter dan bij zijn voorganger en er werd een DC-motor met servocontrol voor de riemaandrijving gemonteerd, terwijl de 4000 nog een AC-motor bevatte (die later ook duurder bleek in service). Het is bekend dat een aantal vroege 4002’s nog die oude AC-motor ingebouwd hadden. Bang & Olufsen had de gewoonte zo af en toe wat verbeteringen door te voeren, zonder daar veel ruchtbaarheid aan te geven. De 4002 had geen aan/uitknop en stond feitelijk dus altijd in de stand-by modus. Totdat de Denen op de achterzijde wel zo’n knop monteerden, de aangepaste – dus latere – versies zijn herkenbaar doordat er linksvoor een rode led zit, die aangeeft of de draaitafel aan of uit staat. Verder bevatte de 4002 een ‘feather touch’ bedieningspaneel in plaats van fysieke knoppen.

Quadrafonie

In de loop van de jaren zeventig raakte de audiowereld enige tijd in de ban van de quadrafonie. Standaardisatie was ver te zoeken en het was voor consumenten uitermate verwarrend. Er waren vier Quadrafonie-systemen op de markt: SQ (CBS en Sony), QS (Sansui), CD-4 (JVC en RCA) en UD-4 (Toshiba en Emi). Bij het SQ-systeem werden 4 kanalen feitelijk samengevoegd tot twee kanalen en later weer naar vier gedecodeerd. Bij het CD-4 systeem was echter sprake van vier afzonderlijke kanalen, waardoor een groter ruimtelijk effect ontstond. Bang & Olufsen koos voor dit systeem.

De naald van Pramanik

In 1974 verscheen de Beogram 6000, identiek aan de 4002 maar nu met de ingebouwde AC-4 quadrafonische decoder. Door deze decoder beschikte de 6000 ook over een ingebouwde RIAA voorversterker, en kon dus rechtstreeks op een line – of aux-ingang op de versterker worden aangesloten. Voor de 4002 was nog een aparte phono voorversterker nodig. Het standaard meegeleverde element, de MMC6000 bevatte een kostbare beryllium cantilever en een speciale naaldtip met een ‘Pramanik-diamant’, genoemd naar Subir Pramanik, die deze vorm bij Bang & Olufsen ontwikkelde. Deze was in staat om de hoge frequenties (tot 45-50 kHz!) van quadrafonische CD-4 platen beter te kunnen lezen en ontving van de internationale hifi-pers zeer lovende recensies. De effectieve massa van de naaldtip was slechts 0,22 mg, een wereldrecord. In 1979 verscheen de Beogram 4004, eigenlijk identiek aan de 4002, maar nu met de mogelijkheid om op afstand te worden bediend in combinatie met de Beomaster 2400-2.

Museum of Modern Arts New York

Het jaar 1978 was voor Jacob Jensen internationaal een belangrijk jaar. De eer viel hem te beurt een expositie te kunnen inrichten met audio-gerelateerde ontwerpen en producten in het beroemde Museum of Modern Arts in New York (MoMA), waarbij ook duidelijk werd wat een prominente positie Bang & Olufsen op het gebied van audio en minimalistische eigentijdse vormgeving in de wereld had opgebouwd. Zo werd onder meer een Beogram 4002 getoond. De expositie was zo succesvol, dat het museum besloot om de 4002 op te nemen in de vaste museumcollectie. De New York Times noemde Jacob Jensen in een artikel ‘een van de grootste industriële vormgevers van de 20e eeuw’.

De Beogram 4002 nader bekeken

De Beogram 4002 die in mijn luisterruimte staat opgesteld is nog steeds prachtig om te zien. Een breed en laag tijdloos model, afgewerkt met prachtig aluminium en voorzien van een mooie Rosewood fineer plint. Hij is voorzien van de toen standaard meegeleverde MMC20EN cartridge volgens het MI-principe (Moving Iron) en moet op een MM-ingang worden aangesloten. Het element is voorzien van een elliptische naakte diamant met een frequentiebereik van 20-20.000 Hz en in staat tot een kanaalscheiding beter dan 25 dB. De 4002 heeft een goede snelheidsstabiliteit en een mogelijkheid tot pitch control van +/- 6%. De draaitafel heeft een rumble-niveau beter dan 65 dB en biedt 33 en 45 toeren. Die kun je handmatig kiezen, maar de 4002 doet dat ook zelf. De ingebouwde fotocel in de linkerarm ziet of er een plaat op het plateau ligt, detecteert ook singles en stelt vervolgens automatisch het juiste toerental in. Als er geen plaat ligt keert de arm terug, de naald zakt dan niet. Dit hele proces, het op de rails heen en weer zien bewegen van die dubbele lineaire armconstructie, is voor mij nog steeds uniek en de kers op de taart, gewoon genieten.

Een tweede leven voor de Beogram 4002

Steeds meer komen analoge hifi-liefhebbers en aanhangers van een moderne lifestyle tot het besef dat de Bang & Olufsen Beogram 4002 en zijn varianten qua vormgeving en prestatie uniek waren en nu nog zijn. De belangstelling voor deze prachtige tangentiale draaitafels is dan ook fors toegenomen. Je moet geluk hebben. Er zijn eerste eigenaren die decennialang hun Beogram hebben vertroeteld. Uiterlijk zijn ze dan nog in goede staat en best prijzig om aan te kopen. Maar vaak ook is het aluminium bekrast, de stofkap kapot en het touch feather panel afgesleten of vol uitgebeten vlekken. Maar ook dan is het de moeite waard om ze op te knappen.

Veel onderdelen weer nieuw leverbaar

Tegenwoordig kun je in Denemarken weer nieuw gemaakte stofkappen en bijbehorende aluminium strips bestellen, de houten plinten zijn in diverse varianten weer leverbaar en Bang & Olufsen biedt zelf ook een mogelijkheid aan uw Beogram 4002 in Struer in Denemarken weer op te laten knappen (vraag hiervoor naar de mogelijkheden en kosten bij een Bang & Olufsen dealer). Sterker nog, Bang & Olufsen heeft recent kleinschalige exclusieve Recreated Limited Editions van deze draaitafel uitgebracht, deze waren in zeer korte tijd uitverkocht, ondanks de zeer hoge prijs. Zelfs de aluminium feather touch panels worden weer nieuw geproduceerd. Fijn als het oorspronkelijke element nog in een goede staat is. Gelukkig worden deze tegenwoordig onder licentie van Bang & Olufsen weer nieuw geproduceerd door het Amerikaanse Soundsmith. De Amerikanen bouwen zelfs MI-elementen van een nog hogere kwaliteit, zoals de SMMC20CL+ (kanaalscheiding groter dan 28 dB) of de ultieme SMMC20V (kanaalscheiding groter dan 30 dB), zodat u de weergavekwaliteit van de Beogram 4002 nog verder kunt verbeteren. Van oudsher heeft de 4002 een 5-pins DIN aansluiting, een verloopstuk naar 2 x RCA is dus nodig, tenzij u besluit om deze door hoogwaardige RCA-kabels te vervangen.

Conclusie

Het bezit van een Bang & Olufsen Beogram 4002 is de ultieme vorm van ‘Pride of ownership’, in goede staat klinkt de draaitafel erg goed. Maar ook het bijzondere gevoel dat je elke dag opnieuw kunt genieten van het legendarisch meesterwerk van Jacob Jensen en Subir Pramanik, ook te bewonderen in het Museum for Modern Arts in New York. Een hifi-icoon uit het verleden, maar nog steeds springlevend. U bewaart deze voor een volgende generatie.

Fotos’s: © Bang & Olufsen Struer, Denemarken.

Bang & Olufsen, www.bang-olufsen.com

Reacties (0)