Verslag: High End Wenen 2026

26 juni 2026 + 10 minuten 0 Reacties
HE – sfeer

Na 21 jaar residentie in München, verhuisde de High End-beurs dit jaar naar Wenen. Dat zorgde voor de nodige discussie vooraf, maar hoe draaide het in de praktijk uit? En wat blijft er nog over van het label ‘high end’?

Als de hifi-wereld ergens een jaarlijks hoogtepunt heeft, dan is het wel de High End-beurs die traditioneel in mei plaatsvindt. Dit jaar opende het pas de deuren in de eerste week van juni. Heel laat dus, vooral voor bedrijven die High End gebruiken om de nieuwe producten voor het najaar te presenteren en nog voor de zomer al winkels willen warm maken. In combinatie met de verhuizing van München naar Wenen zorgde dat aanvankelijk voor aardig wat gemor bij audiomerken en – met name Duitse – distributeurs. De latere datum had echter te maken met de onverwachte winst van Oostenrijk bij het Eurovisiesongfestival in 2025, waardoor plots de 2026-editie van het muziekgebeuren in Wenen moest georganiseerd worden. Dat botste met de eerste datum voor High End – en omdat een Eurovisiesongfestival nu eenmaal meer gewicht in de schaal kan leggen dan een hifi-event, moest de show uitwijken naar juni. We horen van de organiserende High End Society dat het hen veel slapeloze nachten bezorgde.

Ondanks de kinderziektes komt de stap van München naar Wenen over als meer dan gewoon een verandering van omgeving. De High End Society gebruikte de gelegenheid voor een flinke make-over van het concept, wat resulteerde in een event dat frisser en veel hedendaagser overkwam dan de meeste andere (of High End in München). Opeens kwam deze traditionele hifi-show over als professioneel, zoals de drukbezochte ISE of MWC. Wat zeker aan de ISE-beurs deed denken waren de vele schermen die overal aan de muur en het plafond hingen. Ze droegen bij, samen met de grote gangen en strakke witte aankleding, aan een moderne uitstraling. De organisatie had bovendien voldoende mensen opgetrommeld om bezoekers te assisteren en de weg te wijzen. Dat was echt nodig, want het Austria Center heeft een grondplan dat je niet meteen doorgrondt. Het event ging door in het hoofdgebouw, een toren met vijf verdiepingen, waarvan één ondergronds, met gangen aan de buitenkant. Je moet dus elke verdieping omcirkelen, en daarbij naar kamers aan de binnenkant van de toren maar soms ook de buitenkant zoeken. Daarnaast waren er een aantal hallen ernaast, gevuld met stands. Die waren minder gelikt, ook wel omdat hifi-bedrijven niet de enorme budgetten hebben om iets heel spectaculair te doen.

Vooraf werd gevreesd dat het verhuizing naar Wenen een zware impact zou hebben op bezoekersaantallen. Dat bleek niet het geval. Zowel aan de kant van de zakelijke bezoekers (10.603) als bij consumenten die langskwamen (23.109) viel er een lichte stijging te noteren. Er kwamen enkel iets minder journalisten naar High End (549), wat misschien te maken had met de late datum van de 2026-editie en de duurdere vluchten en hotels in de Oostenrijkse stad.

De terugkeer van een grote naam

Een van de grootste namen uit de luidsprekergeschiedenis is Jamo. Het Deense merk leefde het afgelopen decennium een soort schaduwbestaan, maar dankzij een verkoop aan een nieuw management die grote plannen koestert is Jamo helemaal terug. Op de High End-beurs werden de plannen én een aantal nieuwe speakers onthuld. De eerste verrassing is dat de producten worden ontworpen en gebouwd in Denemarken. Het put daarbij inspiratie uit het verleden om de Concert Legacy-lijn te introduceren, waarbij de speaker op een soort verhoogde minivoet staat – ook de vloerstaander. Er werd daarnaast een Concert Element-lijn geïntroduceerd met drivers die iets voor de baffle uitsteken.

Het verraste wel wat dat Bowers & Wilkins de High End-beurs zou gebruiken om zijn 800-vlaggenschiplijn te vernieuwen. Normaliter doet het Britse bedrijf dat liever op een apart moment. De D5-generatie behoudt in grote lijnen het industriële design van de D4, maar introduceert wel riantere afwerkingen en kasten die beter verstevigd zijn, plus een reeks technische vernieuwingen die verder bouwt op de Signature-modellen. Het blijft een grote speakerfamilie, met zeven modellen en de 801 D5 als absoluut topmodel.

Ook JBL presenteerde in Wenen een nieuw topmodel. Vorig jaar onthulden de Amerikanen al de eerste drie modellen in de Summit-lijn. Het stond in de sterren geschreven dat de twee topmodellen, de Everest en K2, ook zouden worden vernieuwd. Dat gebeurde op de High End-show, waar de Everest aangestuurd door Mark Levinson 600-componenten heel sterk uit de hoek kwam. Geen kleine speaker dit, met twee 38 cm woofers, twee 25 cm midrange-woofers en drie tweeters verwerkt in een hoorn.

Alle ogen waren gericht op de high-end Opus One-soundbar, maar voor de traditionele hifi-liefhebber presenteerde Dynaudio de i-generatie van de gewaardeerde Confidence-lijn. Het ziet er op eerste zicht niet zo veel anders uit, maar er is hard gewerkt aan een totaal nieuwe cross-over (die ook volledig uit de doeken werd gedaan tijdens een presentatie) die op vlak van dynamische prestaties en directiviteit een enorme verbetering toevoegt. De Confidence i-speakers komen bovendien met de Esotar 3i-tweeter en een nieuwe DDC-lens.

High End in de kijker

Binnen de hifi-wereld bestaat er al heel lang een spanningsveld tussen audio die bereikbaar is (al moet je er wellicht even voor sparen) en de ‘high end’ die zonder een gunstige erfenis, loterijwinst of meevaller op de beurs bijna onbereikbaar is. Waar die grens tussen die twee zaken ligt, dat is misschien een nog grotere discussie. Er is ook een grote grijze zone, waar vaak de interessantste producten te vinden zijn.

Aan die discussie doen we mee, het is wel een feit dat de High End-beurs die tweedeling met zich meedraagt. De naam dekt de lading dus niet; ook in Wenen kwam je versterkers en speakers van pakweg 200-500 euro tegen. Helemaal aan de andere kant van het spectrum kom je wel uniekere designs tegen, vooral op vlak van luidsprekers. Soms gaat het om de toepassing van heel dure technologie, soms om het gebruik van heel kostbare materialen – en soms ook beide zaken. Bij boetiekbouwers als Avalon, Gauder, Göbel, Goldmund, Kroma, Peak, Zellaton en andere waren er zo heel bijzondere dingen te ervaren. Het zijn vaak de kamers waar echt hard aan gezwoegd is om ze op alle vlakken in orde te maken. De ruimte van Soulnote was een mooi voorbeeld, waar twee Albedo Acclara’s aangestuurd werden door M3 monoblocks van het merk. Nieuw spul, maar wel met een iconische TD 124 DD als en van de bronnen. Je moet je klassiekers kennen, toch?

Het eerste wat opviel toen we in Wenen rondliepen: de high-endmerken waren heel verspreid. Een aantal hadden zich weten te nestelen in het Austria Center, met name de merken gelinkt aan de Duitse distributeur Audio Reference. In München hadden dit bedrijf altijd de grootste kamer, wat begrijpelijk is als je weet dat ze een 20-tal merken voeren, incluis opvallende namen als Dan D’Agostino, Garrard, Krell, Meridian, Perlisten, SME en natuurlijk Wilson Audio. Omdat die laatste hun spectaculaire Autobiography-speaker meebracht, was het maar goed dat Audio Reference opnieuw veel ruimte kreeg. De Autobiography was zonder twijfel een van de grote blikvangers op de show. Met een hoogte van 206 cm (zonder de spikes…) en gewicht van 372 kg spreek je hier over een gigant onder de speakers. Het is bedoeld als een soort hommage aan wat het merk behaalde in het afgelopen halve eeuw, met een 5-wegsdesign (met bovenaan een grote midrange-midrange-tweeter-midrange-grote tweeter) die uitpakt met een bijkomende tweeter die naar achter wijst. Kostprijs van een paartje wordt geschat op 725.000 euro, waarbij alles nog afhangt van welke fraaie Wilson-finish je neemt. We hebben de Autobiography helaas niet horen spelen, wel verschillende andere Wilson Audio-speakers die werden gebruikt in andere sets. Dan D’Agostino, die in de Benelux ook door dezelfde importeur als Wilson audio wordt verdeeld, was op de AR-stand heel present met een nieuwe Progression Neo-instaplijn bestaande uit drie nieuwe componenten.

Ook dé andere klassieker van de High End-beurs ontbrak niet: het Chinese ESD Acoustics. Ook dit jaar bracht het een immens hoornsysteem mee, de Super Dragon, die 11 drivers en hoorns per kant (lees: 22 in totaal) toepast om je bijna letterlijk weg te blazen. De voetafdruk van dit systeem van circa 1 miljoen dollar is, ahum, niet zo bescheiden.

Ook het Nederlandse Kharma bracht een imposant systeem mee, net als de luxe kameraankleding waar het bedrijf altijd mee scoort. Iets minder drivers dan bij ESD (14 per speaker) en heel andere techniek, maar dat maakte de 4-weg Enigma Veyron 1D niet minder interessant.

Lichtjes intimiderend begroette een monumentale Raidho TD4.10 in de gang bezoekers aan. Wel een goede ‘vuurtoren’ om je binnen te lokken in de kamer van de Denen, die ook hun zustermerk Scansonic herbergde. De TD4.10 tikt af op 200.000 euro, en of het zwaar is? De cross-over alleen al weegt naar het verluidt 10 kg… Er werd ook het nieuwe topmodel van de X-lijn voorgestel, de X2.8-vloerstaander die dankzij dubbele 8-inch woofers tot 32 Hz zou duiken.

Grote VU-meters zijn er altijd bij

Een aantal high-end merken toonden hun systemen op ‘side shows’, officieuze events die rond het Austria Center plaatsvonden. Dat ging makkelijk omdat er op wandelafstand rond de eventlocatie veel grote hotels staan. In één hotel doken we binnen en kwamen we een demonstratie van Audionostrum Saturn-speakers en de VinnieRossi Brama-versterker tegen. VinnieRossi is een Amerikaans merk dat de laatste tijd veel in de kijker loopt bij buitenlandse high-endmedia, en met Gabi Rijnveld hebben ze ook een bekende merkambassadeur in huis gehaald. Wat we zagen van de binnenkant van hun toestellen zag er in elk geval heel mooi gebouwd uit. De Saturn trok ook de aandacht, met een markante, uitstekende constructie voor de verzonken tweeter. Hierin zit een supertweeter die naar de tweeter wijst (dus met de rug naar de luisteraar).

Een verdieping lager kwamen we Esoteric tegen. Het merk was even gaan aankloppen bij Marten, een Zweeds luidsprekermerk dat de laatste jaren steeds meer in de kijker loopt en we ook al een aantal keer heel mooi hebben horen klinken. De Zweden presenteerde in Wenen hun Dexter-lijn, die ergens rond een geschatte 23.000 euro start. In het Austria Center klonk het goed, met Jorma-elektronica. Esoteric van zijn kant had waanzinnig veel componenten mee uit de Grandioso-lijn, de N-05XE Network DAC Preamplifier en de S-05XE Class A Stereo Power Amplifier waren de debutanten.

Boulder is een versterkerbouwer die vaak een mooie indruk maakt, en dat was in Wenen ook het geval. Mooi, die kekke koelvinnen aan de zijkant. De combinatie met de YG Acoustics Hailey bleek heel geschikt, zelfs in de wat kleinere kamer. Het blijven ook speakers met een spraakmakend design, mooi afgewerkt ook.

Sommige betere audiomerken vonden geen plaats in het hoofdgebouw in het Austria Center en bouwden dan een stand in een van de hallen. Dat is altijd minder optimaal, maar iedereen deed z’n best. Zo kwamen we Grimm Audio tegen in hall X4, waar het een luisterruimte had gebouwd om hun eerste versterker, de gebalanceerde PA1 monoblock, te demonstreren. Helemaal nieuw terrein voor het bedrijf? Niet helemaal, verklapte Grimm vooraf. De PA1 is gebaseerd op een klasse A/B (‘met klasse A-eigenschappen’, luidt het) prototype dat ontwikkeld werd om in 2023 de introductie van de MU2 voorversterker-streamer te ondersteunen. Wil dit zeggen dat de passieve Grimm-speakers in de kamer ook een probeersel zijn die later een zelfstandig product worden? Dat moet nog blijken…

Het aspect ‘engineering’ heeft T+A absoluut onder de knie, zoals ook voor elke bezoeker die langs hun kamer liep te zien was. Het Austria Center heeft plaatsen waar de gang heel breed is, en dat werd door het Duitse merk uit Herford gretig aangrepen om het vakmanschap aan de buiten- en binnenkant te tonen. In de eigenlijke luisterruimte werd de SDX 3100 HV onthuld, een upgrade voor de SDV 3100 HV-voorversterker met het G3-streamingplatform toegevoegd. Op de show werd het gecombineerd met twee A 3100 HV-eindtrappen die pronken met de grote VU-meters waar de Duitsers om bekend staan.

Bovenaan het Austria Center-gebouw vonden we ook AudioQuest, die een fraaie opstelling met de nieuwe Musical Fidelity M6xi en M6x DAC en een paar Sonus faber Sonetto V G2-torens in de kamer parkeerde. Klinkt zo wel mooi, maar AudioQuest wou het publiek vooral zelf laten ontdekken wat de impact is van stroomkabels en de PowerQuest-stroomfilters. Er waren ook demonstraties rond bi-wiring. De première van AudioQuest was echter iets heel anders: de DragonFly Copper. De verbeterde versie van de iconische DAC-in-USB-staafje-formaat kon je er uitproberen met hoofdtelefoons maar ook als deel van de grote Musical Fidelity-set (met een Pro-Ject streamer).

MSB staat bekend als bouwer van sommige van de beste DAC’s, dus geen verrassing dat we in Wenen een nieuwe ladder-DAC te zien kregen. Dat is de Palisade, een ‘kleine broer’ voor de Cascade DAC. Waar die high-end oplossing bestaat uit drie losse apparaten (digitale director, convertor en voeding), bestaat de Cascade uit ongeveer dezelfde Digital Director en een DAC met vier modules en voorversterkermodule. MSB toonde ook de Sentinal, dat het drie dozen concept van de Cascade verder uitwerkt, onder meer met een DAC die uit 32 ladder-DAC-modules bestaat.

Het enorme logo boven het systeem moet je niet eens zien om te weten dat je in een Magico-kamer beland bent. De feloranje verlichting en aankleding is echt een trademark van de Amerikaanse luidsprekerbouwer. Dat Magico een zekere faam geniet, dat blijkt ook altijd uit de drukte bij demonstraties op High End. Misschien is het niet voor iedereen, maar iedereen wil het wel eens gehoord hebben. In Wenen onthulde Magico de 2026-editie van de S7, een vloerstaander die er niet zo immens uitzag maar toch aftikt op 174 kg. De upgrade die de speaker nu kreeg is best significant en zou onder andere de ondergrens qua bassen met 5 Hz verlagen!

Nieuwe start

De High End-show speelt een belangrijke zakelijke rol: het is dé plaats waar nieuwe fabrikanten op zoek gaan naar distributeurs, en omgekeerd. Meestal pakken die uitdagers bescheiden uit, want op een beurs staan kost veel geld. Dan was het wel opvallend hoe uitgebreid Auer Acoustics present was, met een grote ruimte en een mooie luisterruimte. Het is een high-end luidsprekerbouwer uit Duitsland die een spin-off is van een groot familiebedrijf gespecialiseerd in verpakkingsmaterialen, maar met relatief weinig dealers. Daar moet duidelijk verandering in komen.

Audio Physic werkt al even nauwer samen met GVR uit Nederland, dat eveneens recent Acoustic Solid overnam en de productie naar hier bracht. Op de beurs konden de eerste producten van de herboren platenspeler bewonderd worden, maar vooral ook de nieuwe Stream-luidsprekerlijn van Audio Physic. Het demonstreerde daarnaast met heel modern ogende Cardeas-speakers, opvallend met hun asymmetrische plaatsing van de drivers.

Soms kom je in de gang net de boeiendste zaken tegen. Dat was bijvoorbeeld zo aan de voordeur van de ruimte die Fink, EPOS en Canor deelden – merken die allemaal een link hebben met ontwerper Karl-Heinz Fink. In de gang stonden niet enkel nieuwe Canor-apparaten opgesteld, waaronder een cd-speler die past bij de twee platte Foundation-toestellen die we recent getest hebben. De Slovaken toonden een phonovoorversterker en DAC uit de hogere lijn, naast een intrigerende compacte hoofdtelefoonversterker (Crius H5S) met een plat en compact design dat aan de Foundation-apparaten deed denken. De echte aandachtstrekker was echter een knaloranje Spot-luidspreker van Fink Team. Nu in nieuwe handen, is dit een gestroomlijndere vloerstaander die iets lager in de markt zal gepositioneerd worden. Al blijft Fink een premiummerk, hoorden we van nieuwe eigenaar en Fink-collega Norbert Theisges.

Hallo uit Polen

Polen is een echt hifi-land, weten we dankzij het bijwonen van de grote Audio Video Show in Warschau elk najaar. Vier merken in het bijzonder springen daarbij echt in het oog: Ferrum, Fezz, Pylon en UNITRA. Ferrum van zijn kant focust op kleine componenten en stelde in Wenen z’n Broen-streamer voor, die hoort bij de Wandla-DAC. Technisch zijn deze jongens altijd heel sterk, dus als digitaal systeem belooft dit wel wat. Fezz is dan weer een buizenspecialist die heel hard werkt om te ontsnappen aan clichés. Hun moderne designtaal en kleurenpalet maakt de buizenversterker in al z’n vormen weer hip, waardoor je toch eentje in je designinterieur wil. Op de High End-show stond de Titania MK2 geïntegreerde versterker in de kijker, aangesloten op knappe retro-ogende Jade 30-speakers.

UNITRA trekt dan volop weer de nostalgiekaart, met toestellen die onder de motorkap helemaal nieuw zijn (en ook eigen designs bevatten) en aan de buitenkant pronken met jaren zeventig-elementen. In Wenen toonde het merk een DAC die bij de analoge WSH-805 past – vintage om bij weg te dromen.

Werken aan Magnat

Ondanks de High End-naam van het event viel er in Wenen genoeg audio te zien dat wel bereikbaar is voor Jan Modaal. Er waren natuurlijk veel Aziatische merken die echt op de instapmarkt mikken, zoals Fosi Audio en Topping. Die hadden veel te tonen, net als merken die wat hoger mikken als FiiO en Shanling. Ze hebben allemaal de neiging om jaarlijks behoorlijk wat voor te stellen, soms met het idee ‘we proberen maar, we zien wel’. Fosi, die tot nu vooral heel compacte toestellen uitbracht, viel het oog wel op een grotere monoblock op basis van Hypex-versterking. Fosi belooft nog altijd te mikken op een scherpe prijs, hoewel de versterkermodules een stuk meer kosten dan de TI-chips die het meestel toepast.

In Wenen werd vooral gesproken over de tachtigste verjaardag van het Japanse merk, onder meer met een special edition van die Y-80. Maar ook met actieve speakers van Onkyo. Zustermerk Klipsch viert ook een jubileum, onder meer met een gigantische Limited Edition 80th Anniversary Klipschorn en de compactere Rebellion, met een gelimiteerde Tigerwood-versie als verjaardagscadeau.

Ook héél interessant was de presentatie die in een uithoek van de Premium Audio Group-stand werd gegeven. Naast Klipsch en Onkyo zit in hun portfolio het Duitse Magnat. Dat merk ondergaat een grote vernieuwingsoperatie, in Wenen werd een eerste project getoond – een grote vintage-ogende speaker met een nieuw ontwikkelde hoorn. Benieuwd!

Vinyl blijft populair

Op deze editie van High End stond vinyl enorm in de kijker. Misschien omdat een van de grootste draaitafelfabrikanten ter wereld net buiten Wenen z’n hoofdkwartier heeft? Pro-Ject had in elk geval een van de grootste en boeiendste kamers van de hele show. Echt veel demonstraties werden er niet gegeven, de ruimte stond propvol met alle nieuwe en recente producten van Pro-Ject, zustermerk Musical Fidelity (met als highlight een cd-speler die past bij de iconische A1 klasse A-versterker) en European Audio Team (EAT). Naast de Harley Davidson-platenspeler die op High End werd geïntroduceerd, konden we niet kijken. Maar er was nog veel meer nieuws, zoals een Debut Reference 12 met een enorme voetafdruk en 12-inch toonarm en twee minimalistische spelers (de RPM1 Pro en RPM3 Pro). Om de nieuwe RPM-generatie te vieren, verschijnt er een finale RPM 6 Final Edition.

De betere X-lijn wordt ook grondig vernieuwd, met als instapper de X5 B – beschikbaar in vijf nieuwe finishes. Sommige kleurtinten zijn heel mooi, zoals een soort pastelgroen. Niet lukraak gekozen, hierdoor passen de draaitafels bij de kleine Guru-speakers die Pro-Ject Heinz Lichtenegger omhelsd heeft. Ook hogere X-modellen verschijnen binnenkort.

Bij Clearaudio springen twee draaitafels in het oog: een GT gamerseditie van de Compass, waarbij het merk wil inpikken op het succes van gamesoundtracks op vinyl. Spectaculairder is de Rammstein-draaitafel van Clearaudio met verlicht opschrift vooraan, verpakt in een houten kist die kan dubbelen als lp-opslag. De basis is het Concept-model, en er worden maar 1.000 stuks gebouwd.

We spraken ook even met Rik Stoet van Takumi, die op High End een mooie stand had gebouwd om de nieuwe Takumi TT level 3.1 voor te stellen. Geweldig om te horen hoe er echt is nagedacht over de kleinste details.

Bij MoFi konden we een blik werpen op de nieuwe minimalistische designs die Music Hall plant. Vroeger werden hun draaitafels door Pro-Ject gebouwd, de nieuwe draaitafels zijn een nieuw design die helemaal anders is (en wellicht elders gaan gemaakt worden). De Tribute 11 en Tribute 9 hebben een draaischijf uit acryl en een soort dubbele plinth.

Grote verwachtingen

We wachten nu al even op de 80 Serie van Cyrus, wat de eerste hifi-componenten op volledige grootte van het merk dat net bekend staat voor z’n kleine toestellen. De 80 Amp stond in Wenen fraai te spelen, met de Vito Classic-speakers van Neat. Inmiddels horen we dat er ook een voor- en eindtrap op stapel staan.

Als we even Chinese uitdagers in het budgetsegment negeren die jaarlijks tientallen producten lanceren, dan was Eversolo hét merk dat de meeste nieuwe toestellen liet zien. Het Chinese merk dat de voorbije jaren scoorde met streamers, presenteerde hier acht apparaten – sommige wat verrassender dan andere. Dat de DMP-A8 ververst wordt met een tweede generatie, dat zal veel mensen aanspreken. De A8 is immers heel populair. Eversolo zorgt voor drie vervangers: een reguliere DMP-A8 Gen2, een Master Edition met een ingebouwde cd-speler en een versie met een R2R-DAC. Er komt ook een klokgenerator voor wie een DAC heel correct wil aansturen, een T10 digitale transport, twee eindtrappen (AMP-F8 en AMP-F10) en de SA200. Dit laatste is een grote alles-in-één-versterker met een groot touchscreen waar de veelzijdige Eversolo-software op draait.

Nieuwsgierig zijn we zeker naar de aankomende AV-receivers en de Radia-speakers van Arcam die al op ISE werden getoond. Ze waren hier opnieuw uitgestald, het is nog even wachten… Helemaal nieuw is echter de A50 Signature, weer een jubileumproduct dat de eerste dual mono geïntegreerde versterker van het Britse merk wordt. Op basis van klasse G-technologie, uiteraard, en met veel ingangen (incluis HDMI-eARC en phono MM/MC).

Eerder kon je al een uitgebreide review lezen van de 371 van MOON, de eerste telg van de nieuwe Compass-familie. Het was een indrukwekkende combinatie van kracht en veelzijdigheid, met een focus op geluidskwaliteit. In Wenen werd het volgende grote Compass-product getoond. Of liever: producten. De 491 is een voorversterker met streaming ingebouwd die perfect past bij de 461-eindtrap met MDCA-technologie die 450 watt (in 8 ohm) vermogen kan leveren.

Hifi vanuit een andere hoek bekeken

Als het gaat om bereikbare apparatuur, dan viel er in Wenen veel te zien. Dat is geen slechte zaak. Het is langer duidelijk dat traditionele hifi-producten niet hoog op de verlanglijst prijken bij het grote publiek. Tegelijkertijd wordt er meer muziek dan ooit beluisterd, met dank aan streamingdiensten. Die tegenstrijdigheid proberen audiobedrijven al langer te overbruggen met nieuwe concepten. De soundbar is er zo eentje, maar zoals dat toestel meestal voor de dag komt is het vooral gericht op filmgeluid. Muziekweergave is dikwijls een zwak punt. Soundbars komen dan ook vaak van merken die minder in de hifi-hoek zitten, zoals tv-boeren die een oplossing bieden die ze netjes samen met een nieuwe televisie kunnen verkopen.

Er is echter geen reden waarom een mooi design slecht moet klinken. In Wenen zagen we echter verschillende oplossingen die met kennis van zaken iets anders proberen. De Altt-i-Ett van Primare, de Mu-So Hekla van Focal en de fonkelnieuwe VEGA van DALI lijken van ver op een soundbar, maar zijn eigenlijk eerder muzieksystemen die ook echt goed klinken. De VEGA is de jongste van de hoop en het toestel waarvan het design vet knipoogt naar het verleden. We hebben deze DALI al binnen om te testen, in een komend nummer lees je een review.

Een andere aanpak vinden we bij Canvas. Enkele jaren geleden bedacht dit Deens bedrijf een groot muzieksysteem dat samen met een tv-beugel en een mooi frontje in textiel of hout wordt geleverd. Het knappe aan die Canvas is dat het een naadloos geheel vormt het scherm én de doeltreffende BACCH-technologie aan boord heeft. Op de beurs toonden de Denen een nieuwe en nog grotere versie, bedoeld voor tv’s van 65 inch en groter. Groter, maar vooral ook beter – het audiodesign is stukken gesofisticeerder.

Dynaudio van zijn kant trok enorm de aandacht met de Opus One, een gigantische soundbar van 186 cm breed en voorzien van 24 drivers (waaronder vier subs geplaatst in een force-cancelling configuratie). Bij dit toestel is er geen rooster, wel 72 gemotoriseerde houten latjes die open en dicht klappen naargelang de beoogde geluidsuitstraling. Kostprijs van dit stukje hightech: 13.000 euro. Het is ook het begin van een nieuwe richting bij het Deense bedrijf. Bij Livebox zagen we trouwens een nog duurdere soundbar van 20.000 euro, voorzien van technologie van de Zwitserse bedrijven Weiss Engineering, PSI Audio en Illusonic.

Interieurvriendelijk geluid

Er waren natuurlijk veel traditioneel gevormde speakers te zien in Wenen. Hier en daar doken echter luidsprekers op die kozen voor meer interieurvriendelijke vormen. De Puro-lijn van Canton bijvoorbeeld, met de Puro 90 als slanke kolom dat in verschillende kleuren beschikbaar is. Een andere aanpak zagen we bij Perlisten, dat met de nieuwe X-lijn z’n bekroonde technologie naar muurspeakers brengt. Op de beurs toonde het bedrijf dat je met dergelijke speakers een mooi systeem rond je televisiescherm kunt bouwen. Er zijn nog merken die dergelijke modellen aanbieden, zoals DALI en Monitor Audio, de X-series ziet er interessant uit omdat ze wat langer en dunner overkomen. Spectaculairder was het surroundsysteem dat Perlisten bouwde met Trinnov en dCS, bestaande uit vijf S7T-torens, acht S7i muurspeakers, acht S4S-hoogtespeakers en acht (!) D215 subwoofers. Zoveel surroundopstellingen vielen er niet te zien op High End, maar deze was de moeite. Net als de opstelling die PMC bouwde. Het Britse merk had een leuk concept bedacht: er werd muziek gespeeld die door een paar experts uit de studiowereld live naar Dolby Atmos werd gemixt.

In Wenen pakte het Deense bedrijf System Audio uit met een actieve muurspeakers (de Legend 7.2 silverback) rond een tv. Ondanks de vele technologie die in deze speakers zit (incluis draadloze WiSA), hebben ze toch een laag profiel. Straf!

Wharfedale pakte het wel slim aan in Wenen. Waar sommige merken (zoals Revival Audio) helemaal de kaart trekken van retrodesign en anderen inzetten op moderne looks (zoals Canton), wedt Wharfedale gewoonweg op beide paarden. In Wenen toonde het zo de Rosedale, een groot rechthoekig retrodesign met een ScanSpeak-woofer die knap klonk aangestuurd door de nieuwe Quad Platina-elektronica. Wharfedale’s Peter Commeau presenteerde echter daarnaast de Elysian R, een flinke update voor zijn strakke toplijn, voorzien van een AMT-tweeter en een slim basreflexsysteem in de voet. Het gaat om vijf modellen, beschikbaar in een matgrijs, matzwart of walnoot met een hoogglansafwerking.

Qua design sprong het prototype van de Rivo Ultra van Volumio in het oog. Dat de Italiaanse bouwer van betaalbare streamers en DAC’s hoger mikt met deze digitale transport op volledige hifi-grootte is al nieuws. Maar dat de behuizing afgewerkt is met leder, dat is dan weer die Italiaanse touch.

Actief in kleur

Er waren veel actieve speakers te signaleren, waarbij alle elektronica in de luidspreker zelf is gestopt zodat je geen bijkomende apparaten nodig hebt. Merken als Dutch & Dutch en Klipsch lieten zien dat dit zowel in het premium als het bereikbaar segment kan. De tweede generatie van The Fives, The Sevens en The Nines klinkt op eerste gehoor veel beter. Ook fijn dat The Sevens II en The Nines II compatibel zijn met Dirac, al moet je wel nog bijbetalen voor die licentie. Zeker met grote The Nines II kan dat wel eens een goed idee om die riante basweergave af te stemmen op de ruimte.

De opvallendste lancering qua actieve speakers was echter de NX-70A, een nieuwe stereoset van Yamaha dat vertrouwt op het vertrouwde MusicCast-streamingplatform en het YPAO-kamerkalibratiesystemen. Fysieke bronnen aansluiten kan echter ook, incluis de tv via HDMI-eARC. Beschikbaar in zwart of wit, en heel mooi afgewerkt – een review lees je al in dit nummer!

Kleurtjes stonden echt op het menu bij de nieuwe L/R-speakers van Cambridge Audio. Opnieuw actieve speakers, waarbij de M- en X-modellen veel meer kosten dan de L/R S – maar eveneens veel meer bieden qua audiotechnologie en features. Er loopt bij die grotere speakers ook niet per se een kabel tussen de twee.

High End Society, www.highendsociety.de

Reacties (0)